Plaatsing

 

Voor de plaatsing moeten de planken acclimatiseren en minstens 48 uur in de originele verpakking op de installatieplaats bewaard worden. Naast een vaste, droge en zuivere ondergrond speelt de juiste ondervloer een beslissende rol. Hij compenseert geringe oneffenheden en bij geïntegreerde damprem zorgt hij bij minerale ondergronden voor de nodige bescherming tegen vochtigheid. Wanneer bij minerale ondergronden een ondervloer zonder damprem gebruikt wordt, moet bijkomend een PE-folie gelegd worden. Speciale akoestische producten van Parador reduceren zowel ruimtegeluid als contactgeluid.

Na de plaatsing van de ondervloer kan met de feitelijke plaatsing van de laminaatvloer begonnen worden. Bij de zwevende plaatsing wordt de laminaatvloer zonder vaste verbinding met de ondervloer gelegd. Als uitzettingsvoeg moet minstens 8 – 10 mm aangehouden worden.

Verder moet verzekerd worden dat de groef van de plank in de ruimte toont. Verder raden wij u omwille van optische redenen aan de langskant parallel ten opzichte van de lichtinval te leggen. Zijn er meerdere lichtbronnen, oriënteer u dan op de grootste. 

In de regel raden wij u af om laminaat in natte ruimtes te leggen omdat penetratie van vochtigheid en de daarmee verbonden beschadiging van de vloer niet uitgesloten kan worden. Mocht u toch beslissen om de vloer in een permanent vochtige ruimte te leggen, moet een afstand tot spatwaterzones zoals douches, badkuipen of dergelijke aangehouden worden.

Door de eenvoudige kliktechniek kunnen Parador laminaatvloeren zonder voorafgaande kennis eenvoudig op deze wijze geplaatst worden.

De Parador laminaatvloeren zijn geschikt voor gebruik op vloerverwarmingen.

 


 

Please confirm your language in order to continue